Melius Klinieken

Regio 3

Armen en handen

Tenniselleboog / golferselleboog

Het onderuiteinde van het bovenarmbot (humerus) heeft een tweetal uitsteeksels, genaamd de epicondylen: één aan de buitenzijde, de epicondylus lateralis, en één aan de binnenzijde, de epicondylus medialis. Deze epicondylen vormen het aanhechtingspunt voor een aantal spieren van de onderarm. De spieren komen samen in pezen die vastzitten op het bot. Aan de buitenzijde (lateraal) zijn het de strekkers van pols en vingers; aan de binnenzijde (mediaal) de buigers van pols en vingers.

De aanhechtingen kunnen geïrriteerd raken als gevolg van overbelasting. Een dergelijke irritatie noemen we een ontsteking. Een ontsteking is een reactie van het lichaam op beschadiging van weefsel of heftige prikkeling van buitenaf. Het doel van ontsteking is herstel van de weefselschade. Dit gaat gepaard met pijn en soms met zwelling en warmte.

Ontsteking van de aanhechting van de strekkers van de pols ter plaatse van de elleboog wordt epicondylitis lateralis genoemd. Er is pijn aan de buitenzijde van de elleboog, die toeneemt bij bepaalde bewegingen. Het betreft dan vooral het tegen weerstand omhoog bewegen van de pols en het strekken van de vingers. Omdat dit relatief vaak voorkomt bij tennissers staat dit bekend als een tenniselleboog.

Eenzelfde soort ontsteking kan aan de binnenzijde van de elleboog voorkomen, ter plaatse van de aanhechting van de buigers van de pols. Dit wordt epicondylitis medialis genoemd, ofwel golferselleboog.

Opties ter behandeling zijn medicatie, TENS, gepulseerde (PRF) stroom t.h.v. de (pezen welke aanhechten aan de) epicondylus mediales of epicondylus lateralis, continue (RF) stroom t.h.v. de (pezen welke aanhechten aan de) epicondylus mediales of epicondylus lateralis, paramedische begeleiding.

/* Custom Javascript Accordeon closed */